DE BETEKENIS VAN IMAN MARINUS VAN DER BIJL








Iman Marinus van der Bijl

geboren te Zonnemaire op 14-08-1914

Ik beschouw hem als de geestelijke leider
van de Tien van Renesse



Inleiding

Wanneer is een boek helemaal af, voltooid? Ik heb het me bij dit boek over Jan Verhoeff en de Tien van Renesse geregeld afgevraagd. Toen ik het boek min of meer had afgesloten, was ik toch ingenomen met het hoofdstuk over het verzetsleven van Christiaan Wisse, omdat hij een cruciale rol heeft vervuld bij de beschrijving van de geschiedenis. Ik was ook blij met het toegevoegde hoofdstuk over Cornelis Lazonder, omdat ook hij van wezenlijke betekenis was.

Ik liep nog met het plan rond om Iman van der Bijl een apart hoofdstuk te geven. Hij was nauw verbonden met Menke van der Beek, de leider. Misschien kun je Iman de geestelijke leider noemen van de Tien van Renesse. Samen met Menke werkte Iman permanent aan het illegale blaadje "Vrije stemmen". In hoofdstuk a kun je lezen hoe dat in zijn werk ging.

Dominee Voorneveld die op zondagmorgen van de 10de december 1944 de negen veroordeelde mannen in de bunker mocht bezoeken om hun geestelijke bijstand te verlenen, vertelt dat hij op verzoek van Iman Psalm 91 las. Het begint met de monumentale regels:

Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen. Ik zal tot den HEERE zeggen: Mijn toevlucht, en mijn burcht: mijn God op wie ik vertrouw.

Naar aanleiding van deze regels zongen de mannen hand in hand: Een vaste Burcht is onze God, een Toevlucht voor de Zijnen.

Mijn plan om over Iman te schrijven kreeg verder gestalte toen mijn dochters een plek voor hun caravan vonden op de camping De Zonnehoeve te Zonnemaire, de boerderij waar Iman werd geboren en opgroeide. Met de huidige bewoners: Gilles en Anja van der Bijl en met hun zoon Martijn heb ik heel hartelijk contact. Zij hebben me ook materiaal aangereikt in verband met Iman.

In wat nu volgt ga ik een beeld van Iman van der Bijl schetsen, ook aan de hand van wat ik allemaal over hem heb gevonden op deze site.

Helemaal verrassend was voor mij dat op de Dodenherdenking van 4 mei 2018 Marleen Nieuwsma het verhaal aan het slot van dit hoofdstuk ten gehore bracht. Het gaat over de Tien van en Renesse en over de plaats daarin van Iman van der Bijl, een oom van Marleen. Ik laat haar verhaal hier straks volgen.









IN WAT VOOR GEZIN WERD IMAN GEBOREN?


Aan de Rietdijk 8 te Zonnemaire staat de hofstede waar Iman wordt geboren.
Zijn vader Jan Adriaan van der Bijl komt er in 1904 wonen.
De hoeve is dan spliksplinter nieuw.
Jacob van der Bijl, de vader van Jan Adriaan
heeft haar laten bouwen naast diens boerderij op Rietdijk 10.



Dit fraaie huis werd in 1898 betrokken door Jacob van der Bijl en Neeltje Romeijn.
Jacob was de opa van Iman.
Dit is niet het geboortehuis van Iman.
Dat ligt ernaast.
De huidige bewoners zijn Gilles Marinus (Gilles) van der Bijl
en zijn echtgenote Janna Marina (Anja) Dalabout.





Luchtfoto waarop beide boerderijen te zien zijn.
Op de achtergrond ligt De Grevelingen.
In de rechtse boerderij werd Iman geboren.
Op deze boerderij woont Marinus Daniël (Martijn) van der Bijl met vrouw en kinderen.
Hij is de zoon van Gilles en Anja.



Oude foto van het geboortehuis van Iman.



Jan Adriaan van der Bijl leefde van 1 april 1875 tot 3 april 1940.
Hij was de zoon van Jacob van der Bijl en Neeltje Romeijn.
Hij was getrouwd met Toontje Padmos, 20 november 1881 - 18 december 1960.
Ze krijgen twaalf kinderen. Iman is nummer zeven.

1. Jacob Leendert
2. Leendert Gilles
3. Neeltje Jacoba.
Zij trouwde met Aart Biesheuvel en ging met hem wonen in de Wieringermeer.
4. Cornelis Jacobus
5. Margaretha Kornelia
6. Gilles Jan 1913-1930
7. Iman Marinus 14-8-1914
8. Margaretha Elisabeth
9. Johan Adriaan
10. Leentje Cornelia
11. Krina 16-10-1927
12. Elisabeth 16-10-1927
De tweelingen trouwden allebei met een predikant.
Krina met ds. Cornelis Plug.
Elisabeth met ds. Johannes Nieuwsma.
Hun dochter is dus de Marleen
die op 4 mei 2018 de herdenkingstoespraak te Renesse.


Bijzonder is dat er 8 geslachten Van der Bijl bekend zijn in rechte lijn naar de huidige bewoners.

1. Jan van der Bijl 08/08/1706 - 27/03/1782
2. Jan van der Bijl 27/09/1739 - 30/10/1775
3. Jan van der Bijl 26/02/1766 - 01/04/1820
4. Jan Adriaan van der Bijl 29/12/1795 - 06/06/1868
5. Jacob van der Bijl 16/01/1843 - 11/12/1879
6. Gilles Marinus van der Bijl 11/12/1878 - 18/05/1930
7. Marinus Daniël van der Bijl 01-09-1912
8. Gilles Marinus van der Bijl 18-07-1949





Hieronder zie je het gezin waartoe Iman behoorde nog eens in een andere vorm met nog meer details.











WAT LEZEN WE OVER DE ROL VAN IMAN IN DE ILLEGALE PERS?

In Zierikzee was Iman ondergedoken bij wachtmeester van de marechaussee Menke van der Beek, Korte Nobelstraat 96A te Zierikzee. Samen werkten ze vrijwel dagelijks aan het illegale blaadje dat ze Vrije Stemmen noemden naar het voorbeeld van Vrije Stemmen uit Goes. Menke had van de heer Doeleman, ook uit Zierikzee, een autoradio gekregen. Daarmee konden ze de Engelse zender ontvangen. Bovendien waren ze niet meer afhankelijk van electriciteit via het Zeeuwse net, waarin vaak storingen optraden.

L.A.Verburg schrijft (zie hoofdstuk 5)

"Zodra de electriciteitsvoorziening stagneerde moest de oplaag ook groter worden, omdat men radioberichten niet meer kon volgen. Weldra worden dagelijks 400 exemplaren over het eiland gedistribueerd. Breetveld en Van der Bijl verzorgden het drukken. Verbindingsmannen en speciale bezorgers brengen de blaadjes waar ze heen moeten. "(p.24,25)

Als je dit even op je laat inwerken: dagelijks 400 exemplaren die bezorgd moeten worden over het hele eiland, daar waar nog mensen kunnen wonen temidden van het onder water gezette land. Wat een werk en wat een moed! Luisteren naar een geheime zender, nieuws daaruit verzamelen, dat nieuws vertalen (Breetveld), dat nieuws uittypen en stencilen (vooral Iman). Dan ervoor zorgen dat de 400 exemplaren op de plaats van bestemming komen. In dit proces speelde Iman een centrale rol. We moeten daarbij denken aan de periode van februari 1944 tot december 1944. In Zierikzee kon Iman zich meer nuttig maken dan op de boerderij in Zonnemaire. De Zonnehoeve stond immers onder water.





De hofstede waar Iman woonde
in de zomer van 1944
Je ziet hoe de hoeve in het water staat door de inundatie.



HOE ZAG DE ORGANISATIE VAN VRIJE STEMMEN ERUIT?

Daarvoor kunnen we terecht bij het Vrijheidsnummer van Vrije Stemmen, waaraan ik een apart hoofdstuk heb gewijd.

In WIST U? geeft Menke van der Beek een opsomming van allen die bij de organisatie van het Vrijheidsnummer betrokken zijn. Dat kon geen kwaad. Het blad zou toch na de Bevrijding worden verspreid? Na de oorlog in het Vrije Stemmennummer met de toespraak van ds. J. Meester worden in de Bijlage nog eens al die namen herhaald. Met één verschil: in het Vrijheidsnummer noemt Menke van der Beek zijn eigen naam aan het eind, zoals het hoort. Het In memoriamnummer van 1945 begint met het noemen van zijn naam: "WIST U dat het blaadje VRIJE STEMMEN uit SCHOUWEN en DUIVELAND hoofdzakelijk zijn bestaan heeft te danken aan wijlen M.K. van der BEEK?" Ere wie ere toekomt!

Nu de organisatie rond het Vrijheidsnummer.

- Ir. Swaters stelde van het begin af zijn stencilmachine ter beschikking voor al het stencilwerk.
- De copie werd getikt op de schrijfmachine van dhr. Barendse.
- Dhr Kloet zorgde voor papier, inkt en verschillende andere voorwerpen die nodig waren.
- Dhr Timmerman leverde ook papier in verschillende kleuren.
- Dhr Breetveld tekende de verschillende hoofden van het Vrijheidsnummer in samenwerking met zijn zoon.
- De VRIJE STEMMEN werden gedrukt in de achterkamer van JOPPE gelegen aan de Poststraat te Zierikzee.
- Later werd het blad gedrukt bij Menke van der Beek en weer later in het huis van De Graaf.
- Het Vrijheidsnummer kwam tot stand mede door het intensief werken van Iman van der Bijl (Vet van mij, GS) en R.Breetveld, terwijl laatstgenoemde voor de Engelse vertalingen zorgde.
- Menke van der Beek beschikte over de autoradio van dhr Doeleman, zodat hij van de electriciteitsstoring geen hinder had.
- Ten slotte: de nieuwsberichtgever was M.K. vd Beek. Zonder hem was de VRIJE STEMMEN niet denkbaar.


Hier hebt u een voorbeeld van Vrije Stemmen




U kunt daarin lezen:

DRINGENDE BOODSCHAP UIT BEZET GEBIED:
zwijgen over ALLES wat u toevalligerwijze hoort
of ziet van ondergrondsche organisaties.
Zwijgt zelfs tegenover uw familieleden.
Kunt u namen van verraders,
geeft die dan door aan de verzetsbewegingen.
Boven alles ZWIJGT.


HET VRIJHEIDSNUMMER VAN DE VRIJE STEMMEN VAN 7 NOVEMBER 1944

Opzienbarend was het drukken van 1000 exemplaren van de VRIJE STEMMEN op rood, wit en blauw en oranje papier. Het blad was klaar op 7 november 1944. Het was een initiatief van Menke van der Beek, waarbij Iman nauw betrokken was. In het nummer wordt helemaal uitgegaan van de aanstaande bevrijding van Schouwen en Duiveland. Het bevat oa een Engels welkomstwoord tot de geallieerde bevrijders.

Helaas is die aanstaande bevrijding uitgebleven. Het is zelfs zo dat Menke van der Beek en Iman van der Bijl niet de vrijheid mochten beleven, maar dat zij op 10 december 1944, een maand later, werden opgehangen met 8 strijdmakkers te Renesse.

Ik heb de hele geschiedenis van het Vrijheidsnummer beschreven in bevrnr 'vrije stemmen'
(zie rechtermarge hoofdstuk a.)



DE ROL VAN IMAN IN DE BUNKER TIJDENS HET BEZOEK VAN DS. VOORNEVELD IN DE BUNKER

Bijzonder is de rol van Iman van der Bijl in de bunker in Haamstede. Ds.Voorneveld kreeg het verzoek van de Duitsers om de 9 mannen in hun laatste uur op hun dood voor te bereiden. Hij vertelt daarover in hoofdstuk 4:

"Toen ik met het opschrijven van deze afscheidswoorden klaar was, verzochten ze mij nogmaals een gedeelte uit de Bijbel met hen te lezen. Graag voldeed ik natuurlijk aan hun verzoek en op mijn vraag waaraan ze de voorkeur gaven, antwoordden ze: "Ps. 91". En zo hebben we daar samen geluisterd naar het vertroostend woord van God: "Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Allerhoogsten. U zal geen kwaad wedervaren, want Hij zal zijn engelen bevelen, dat ze U bewaren in al Uw wegen. Dewijl hij mij zeer bemint, zegt God, zo zal ik hem uithelpen. In de benauwdheid zal Ik bij hem zijn. Ik zal hem er uittrekken en Ik zal hem Mijn heil doen zien".

Daarna hebben we opnieuw Gods nabijheid gevraagd. En toen kwam het hoogtepunt. 't Was als of hier in deze bunker de aarde door de hemel werd aangeraakt. God maakte hen hoe langer hoe meer klaar voor het einde. Want hoewel de wacht steeds onrustiger begon te worden en de dreunende laars reeds vlakbij gehoord werd, toch stelden ze voor om tenslotte nog met elkaar te zingen. En we voelden daarvoor moest alles wijken. Als God zó sterk werkt, zijn er dan nog belemmeringen? Zelfs de wacht schijnt enigermate beseft te hebben, want hij trok zich weer terug. En toen hebben we daar op hun eigen aanwijzing met elkaar ons geloofsvertrouwen beleden, in het machtige Lutherlied: Een vaste burcht is onze God, een toevlucht voor de Zijnen.

Zo hebben deze mannen van het leven afscheid genomen, waarvan er verschillende bloeiende gezinnen moesten achterlaten, terwijl ze heel goed wisten, dat ze aanstonds hun hoofd door de strop zouden moeten steken. Gewijde ogenblikken zijn dat geweest, waarin Gods nabijheid wel bijzonder ervaren werd. Hier heb ik dus duidelijk de kracht van het geloof gezien. Want dat men zo de dood tegemoet kan gaan, dat is niet uit natuurlijke oorzaken te verklaren. En evenmin kan men hier spreken van houding of grootdoenerij, want vlak voor het sterven veinst men niet. Hier werkte hogere kracht.



Verburg vermeldt hier de naam van Iman van der Bijl:

"'s Zondagsmorgens, 10 December 1944, vóór het vervoer naar de plaats van de terechtstelling, heeft Ds. H.C. Voorneveld, Gereformeerd predikant in Haamstede, hen allen geestelijk bijgestaan. Deze heeft voor hen gelezen Psalm 23 ("De Heer is mijn Herder") en op verzoek van de eveneens ter dood veroordeelde I. van der Bijl uit Zonnemaire, las genoemde predikant Psalm 91 ("Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen")".



VERMELDING IN HET GROTE GEBOD


In Het Grote Gebod wordt Iman vermeld:











Onder de vijf foto's staat te lezen:
Deze 5 personen behoorden tot de LO op Schouwen en Duiveland.

Van links naar rechts
Iman M. v.d. Bijl Plaatselijk leider LO-Zonnemaire
Joost P. Jonker LO-Haamstede
Leendert M. Jonker LO-Haamstede
Marcus P. v.d. Klooster LO-Brouwershaven
Jan A. Verhoeff LO-Brouwershaven
De aparte foto is van Menke K. van der Beek
Leiding verzet Schouwen-Duiveland.

Van de andere ter dood veroordeelden
zijn waarschijnlijk geen foto's opgenomen,
omdat ze niet officieel aangesloten waren bij het verzet.



NOG ENKELE CITATEN WAARIN IMAN WORDT GENOEMD



Allereerst het verslag van dr.Westhoff.

Hij was huisarts in Renesse. Zijn schuilnaam was dr. Sijthof. Hij kwam uit Amsterdam, waar hij als arts een praktijk had in de Leeuwarderstraat. Hij bevond zich op Renesse als onderduiker onder de naam Sijthof. Hij nam waar in de praktijk van dr. Stolte, die het eiland verlaten had. Tegelijk was hij werkzaam in de illegaliteit van Schouwen en Duiveland. Zijn verslag heeft dan ook als opschrift: Gebeurtenissen in Renesse in '44-'45, voor zover mij bekend, de illegaliteit betreffende. Zie verder hoofdstuk k in de rechtermarge.

Dr. Westhoff schrijft:

"Na Dolle Dinsdag was Oudkerk minder voorzichtig geworden met zijn radio. Hij had die in huis gehaald en liet er veel te veel mensen toe. Een van hen of een van de buren, die de mensen daar geregeld zag komen, verraadde hem bij de Duitse politie, die in het café van Prummel resideerde en de Orts-Kommandant (O.K.) gaf op een dag bevel tot een huiszoeking. Toevallig zaten toen, niet voor de radio, die werkte al niet meer, I van der Bijl uit Zonnemaire met een opdracht voor de O.D. en M. de Glopper met een opdracht van mij.

Dit was natuurlijk verdacht, alle drie (Oudkerk ook) werden ze bij de Orts Kommandant ontboden en kregen bevel te evacueren. Van der Bijl was toen al ondergedoken op het eiland, dus die ging weer naar zijn duikadres, de Glopper ging tijdelijk in Ellemeet wonen en Oudkerk en zijn vrouw kwamen in huis bij Nico Beye."
Aldus dr. Westhoff.



Vervolgens komen we de naam Van der Bijl tegen in het eerste Proces-Verbaal van Christiaan Wisse. Zie hoofdstuk f01.

Uit eerste proces-verbaal van Wisse:

Maatregelen betreffende verbeurdverklaring

"Maatregelen, die de Duitschers namen met de Fam. De Wed. v.d. Bijl. Moeder van de terechtgestelde Iman Marinus v.d. Bijl.
Op Maandag 11 December 1944 zijn de Duitschers van de Grenspolitie te Brouwershaven in de leegstaande woning van de fam. v.d. Bijl geweest. Moeder en kinderen waren geëvacueerd.
Aan bedrijfsschade een bedrag van f. 3000.-- terwijl aan huisraadschade het bedrag is opgegeven van f. 650.--. Totaal f. 3650.--."




Verslag student De Glopper


Belangrijk is het verslag van student Marius Johan de Glopper (15 juli 1925-20 juli 2003). Hij kwam uit Ellemeet en zat op de lagere school bij meester A.C. de Jonge. Na de oorlog dicteerde hij zijn verhaal aan meester De Jonge die het op 21 oktober 1945 in een schoolschrift opschreef. Marius heeft de mislukte poging tot oversteken naar het bevrijde Noord-Beveland overleefd. Miraculeus. Naast het verhaal van Christiaan Wisse hebben we dus ook zijn ooggetuigeverslag.

Marius de Glopper was student in de medicijnen. Na zijn afstuderen was hij huisarts te Eindhoven. Nadat hij bevel gekregen had zich te melden en de bekende loyaliteitsverklaring te tekenen, hield hij zich krankzinnig. Dit hield hij twee jaar vol, ook tegenover zijn moeder en verdere familie. Ook een bekend psychiater liep er in. Alleen dokter Stolte was ingewijd. Hij droeg een grote hoed tot diep over z'n oren als hij met z'n geiten door het dorp liep. Hij veinsde wanen: ging bv op de dak van een huis staan en riep dan: "Ik zie de Engelsen komen, ik zie de Engelsen komen d'r an". Zijn ouders waren sinds februari 1944 geëvacueerd naar Wierden en hij was bij dokter Stolte in huis. Bij de Duitsers stond hij bekend als de gekke geitenhoeder.

Het boeiende van zijn verslag is, dat hij nauwkeurig aangeeft, wat hem is overkomen en welke rol hij bij de overtocht heeft gespeeld. Het maakt ons beeld van de poging tot oversteek weer wat vollediger. Aan het slot stelt hij de schuldvraag: dat is begrijpelijk. Marius legde in oktober 1945 de schuld duidelijk bij de Engelse commando's: "Aan hen is dit gebeuren te wijten, doordat zij zich niet stipt aan het plan gehouden hebben!"

In het volgende citaat van Marius de Glopper komt de familie Van der Bijl ter sprake:

"Kort nadat ik op de weg was, als laatste daar ik om te zien of allen er waren, ze langs me had laten gaan, verscheen er uit de richting Zierikzee een wit licht, het teken dat er onraad was. In grote haast zijn we toen bovenop de dijk gaan liggen, met de beton glooiing tussen ons en het zeewater. Het duurde wel zeven minuten voor er verder iets gebeurde. Dhr. Lazonder kroop nog iets naar voren naar van der Beek toe. Vier gestalten zag ik de dijk opkomen, tot vlak bij onze voorste mannen. Toen is van ons iemand opgesprongen en direct daarop werd er met een licht pistool geschoten. Het ruitelend geluid van iemand die een schot door zijn longen kreeg klonk.

Onmiddellijk ben ik daar ik ongewapend was, over het muurtje gesprongen en naar de zee gelopen. Met mij zag ik in het licht van de door de moffen afgeschoten lichtkogels meerderen weglopen, echter allen aan de binnenzijde der dijk. Lang floten de kogels om mij heen. Langs de zeezijde ben ik soms kruipend, wanneer het al te hevig werd, gelopen tot halfweg Suzanna Kisters inlaag. Op dat punt heb ik mijn papieren in zee gesmeten, en mijn verdere spullen tussen de basaltblokken verborgen. Mijn laarzen verdwenen in de inlaag.

Toen ik op driekwart door de Inlaag was schoten ze nog weer een lichtkogel over me heen, wellicht hadden ze iets bespeurd, want direct daarop floten er vele kogels. Toen ik net uit het water was weer hetzelfde liedje en nauwelijks over de hoofdweg schenen ze met een sterke lamp op de muur van een der huizen daar vlakbij. Vanaf het Pikgat ben ik de wegen zoekende met een lat naar Kerkwerve gegaan. Door en door nat en barrevoets, tot ik een hofstede waarop wel 40 cm water stond een paar klompen vond en een oude visserskiel die ik tegen een colbertjasje verruilde.

Vlak buiten Kerkwerve brak mijn ene klomp, en op een kous en een klomp werd de reis voortgezet naar de Hoek van den Bout. Daar vond ik mijn eerste onderdak bij Van der Bijl en moest hen al op het ergste voorbereiden t.a.v. hun broer Iman. Daar leende ik fiets en regenjas en ging nog verder naar Smit van Dongen. De hele verdere dag heb ik daar doorgebracht. Door hem werd Renesse ingelicht over wat er gebeurd was, opdat ze op hun hoede waren.

Al vroeg hoorden we dat in Zierikzee de politie gevangen genomen en op de andere dorpen ontwapend was. Toen wist ik dat van der Beek niet ontkomen was. 's Avonds ging ik naar Ellemeet en begreep toen wel dat Wisse met zijn vrouw ontkomen waren.

Tot Zondagmiddag ons verteld werd, dat om 12 uur (w.t.) in de Laan van het slot Moermond waren opgehangen:

M.K. van der Beek uit Zierikzee,
I.M. van der Bijl van Zonnemaire,
M.P.M. van der Klooster, J.A. Verhoeff van Brouwershaven,
W.M. Boot, Jo Oudkerk en A.M. Padmos van Renesse,
J.P. Jonker en L.M. Jonker uit Haamstede."


Aldus Marius de Glopper (Zie verder hoofdstuk h in de rechtermarge)



Verklaring Anna Hage

Anna Hage werd opgepakt in Zierikzee. Zij werkte op het gemeentehuis. Ze was een van de weinige alleenstaande vrouwen in de stad.
Er was een vrouw ontsnapt: De echtgenote van Christiaan Wisse. De Duitsers dachten dat Anna Hage er iets mee te maken had. Ze werd door het Standgericht in Middelharnis vrijgesproken. Zij kende als inwoner van Zierikzee Menke van der Beek en Iman van de Bijl.

Anna Hage verklaart in Proces-Verbaal 2 van Wisse: "Diezelfde dag, kwam er een boerenwagen voor het gebouw, waar ik werd verhoord en daar zaten een aantal mensen op. Ik moest ook op de wagen plaats nemen. Ik kende Van der BEEK en Iman van der BIJL van Zonnemaire, de anderen niet".

Gegevens omtrent verbeurd verklaring in het proces-Verbaal van Wisse


"Maatregelen die de Duitsers namen met de familie van de slachtoffers:

Ouders van Jan VERHOEFF: Deze werden op Zondag 10 December 1944 uit hun woning gezet. De schade aan huisraad en verfwaren, bedraagt ongeveer F 7000.- Zijn onbemiddeld.

Ouders van M.v.d.KLOOSTER: Deze werden op Zondag 10 December 1944 uit hun woning verwijderd. De schade aan huisraad en de gehele span van de grote boerderij, bedraagt naar schatting F 27000,--. Zijn bemiddeld, zelfs zeer rijk.

Moeder van I. v.d.BIJL (weduwe): Deze werd op 10 December 1944 uit haar boerderij op straat gezet. De schade aan huisraad en de gehele span van haar grote boerderij, bedraagt naar schatting F 27000,--. Is bemiddeld en zeer rijk."




DE VERLOOFDE VAN IMAN: JANNY WISSE

Iman was verloofd met Janny Wisse uit Goes.



In De Zeeuw Christelijk-Historisch Nieuwsblad
voor Zeeland van 28 januari 1944
stond de verlovingsadvertentie van
I. M. van der Bijl en Janny Wisse.
Opvallend dat Iman alleen met voorletters
wordt genoemd en Janny voluit.



Na de dood van Iman
en na de bevrijding
zien we de naam van Janny
in de twee onderstaande berichten
in het Zeeuwsch Dagblad van mei en juni 1945.

Iman heeft in de bunker
ook een afscheidsbriefje aan Janny geschreven.



In Zeeuwsch Dagblad van 12 mei 1945
stond bovenstaande overlijdensadvertentie.





In Zeeuwsch Dagblad van 28 juni 1945
stond bovenstaande dankbetuiging.




HUWELIJK VAN JANNY WISSE MET ADRIAAN NAGELKERKE

Janny is later getrouwd met een predikant: Adriaan Nagelkerke. Hij werd geboren in Wolphaartsdijk op 10 augustus 1916. Zijn middelbaar onderwijs ontving hij in Middelburg. Daarna studeerde hij theologie aan de VU te Amsterdam. Op 12 oktober 1952 deed hij zijn intrede in Zonnemaire. Het zou me niet verbazen als hij via de familie Van der Bijl van de Zonnehoeve in contact gekomen is met Janny Wisse, de verloofde van Iman van der Bijl. Zij werd zijn levensgezellin in de pastorie. In 1955 nam Nagelkerke het beroep aan naar Zweeloo. In 1959 werd Overschie zijn nieuwe standplaats. In 1964 werd hij predikant te Dordrecht. Zijn laatste gemeente werd het Groningse Haren van 1970-1980. Janny overleed op 7 mei 1985 en werd begraven te Haren. Adriaan Nagelkerke overleefde haar 13 jaar. Hij stierf op 23 april 1998 en werd begraven bij Janny Wisse op begraafplaats De Eshof te Haren (Gr).



Nog eens de pasfoto van Iman.
Hier wat groter.





Hier houdt Marleen haar toespraak
over Iman van der Bijl, haar oom.
Ze staat precies in het midden.
Over graf en monument zie hfdst 9.



Hieronder volgt de indrukwekkende toespraak van Marleen Nieuwsma.

Hiermee sluit ik dit hoofdstuk over Iman Marinus van der Bijl af. Het is bedoeld als een eresaluut aan één van de Tien van Renesse. Zijn geloof in de Here God en in Jezus als zijn Verlosser is de anderen ongetwijfeld tot steun geweest. In die zin was Iman de geestelijke leider. Door hem is Ds. Voorneveld Psalm 91 gaan lezen. En door hem zongen de mannen hand in hand "Een vast burcht is onze God, een Toevlucht voor de zijnen."

Zie ook Wat was de betekenis van het geloof in God bij de Tien van Renesse?


Ik vind het een eer dit hoofdstuk over Iman van der Bijl te mogen schrijven.


Nu volgt nog de toespraak van Marleen.



Dodenherdenking Renesse, 4 mei 2018

Mijn naam is Marleen Nieuwsma. Ik ben de jongste dochter van Betsy van der Bijl. Mijn moeder en haar tweelingzus Ina zijn, ook al zijn zij nu beiden 90 jaar, de jongste zussen van Iman van der Bijl. Iman van der Bijl was één van de 'Tien van Renesse'.

Ik wil u het verhaal vertellen van mijn oom Iman, en daarmee ook het verhaal van de 'Tien van Renesse'.

Mijn oom Iman (van der Bijl) is in 1944 in Zonnemaire de plaatselijke leider van de "Landelijke organisatie voor hulp aan onderduikers" (LO). Ook is hij betrokken bij het drukken en verspreiden van het illegale blaadje "Vrije Stemmen". Hij runt in Zonnemaire samen met zijn broer Johan de boerderij van zijn ouders omdat zijn vader (mijn opa) net voor het begin van de oorlog is overleden. Iman is verloofd met Jannie Wisse, en door de oorlog duurt zijn verloving langer dan hij wil.

Zeeland is de laatste maanden van 1944 al bevrijd van de Duitse bezetters, met uitzondering van het meest noordelijke Zeeuwse eiland, Schouwen en Duiveland. De onder waterzetting van delen van Nederland eind 1944, wordt door de Duitsers gedaan om mogelijke aanvallen van de geallieerden af te slaan. Ook delen van Schouwen staan eind 1944 onder water. Reden voor een deel van de familie Van der Bijl (Iman's moeder en zijn 4 jongere zussen) te evacueren naar de Wieringermeer. Daar woont Iman's oudste zus Nel. Iman blijft achter in Zonnemaire, voor de boerderij, voor zijn verzetsactiviteiten en niet in de laatste plaats voor zijn verloofde.

De Duitse bevelvoerder over het eiland geeft op 2 december 1944 het bevel dat alle mannen in de leeftijd van 17 tot 40 jaar zich moeten melden voor de 'Arbeitseinsatz'. Om de oorlogsindustrie in Duitsland te ondersteunen zullen de Schouwse mannen daar aan het werk worden gezet. De gemeenteambtenaren van de dorpen en stadjes op Schouwen, wordt opgedragen lijsten te maken van namen en adressen van de mannen die hiervoor in aanmerking komen. In Renesse worden leden van het verzet door ambtenaren in de gelegenheid gesteld het bevolkingsregister weg te halen en te begraven. De Duitsers zijn woedend, de betreffende ambtenaren moeten meteen onderduiken. En dat is een moeilijke opgave op een eiland dat voor meer dan een derde onder water staat. De leiding van het verzet op Schouwen besluit al snel dat zij de Oosterschelde willen oversteken naar het bevrijde Noord Beveland en contact willen leggen met de legerleiding van de geallieerden. Zij beschikken als verzet immers over waardevolle informatie voor de geallieerden. Ze kunnen hen aangeven waar op Schouwen zich de Duitse mijnenvelden, het Duits geschut en de Duitse 'mitrailleursnesten' zich bevinden, en met die kennis zou Schouwen en Duiveland ook snel bevrijd kunnen worden.

De geallieerden zijn daarvoor in, en zullen op 6 december 1944 een boot naar een afgesproken plek op de dijk aan de Oosterschelde ergens tussen Zierikzee en Haamstede sturen. In die nacht zullen 17 mensen worden opgehaald, waaronder twee gemeenteambtenaren uit Renesse, twee geallieerde soldaten, een Nederlandse commando, een gedeserteerde Armeniër, en een aantal onderduikers en verzetsmensen van Schouwen. En deze 17 zullen dan naar het bevrijde Noord-Beveland worden gebracht.

Op 6 december lukte het de 17 niet om met lichtsignalen contact te leggen met de geallieerden die hen komen halen. Op 7 december zal een nieuwe poging worden gedaan om de groep van 17 op te halen.

Arrestatie en executie

En die avond, de avond van de 7e december gaat het mis. Een Duitse patrouille verstoort het seinen met de lichtsignalen en de boot van de geallieerden drijft af. De groep van 17 besluit om wederom hun schuilplaatsen op te zoeken, maar 12 van hen stoten op een Duitse patrouille. Er ontstaat een vuurgevecht, waarbij één van de 12, de gemeentesecretaris van Renesse, ernstig gewond raakt.

De 12 worden overgebracht naar het 'Wehrmachtsheim' in Zierikzee, en worden vervolgens via Brouwershaven, Ouddorp naar Middelharnis getransporteerd. De gedeserteerde Armeniër springt overboord de Grevelingen in, en verdrinkt in het koude water. De anderen worden in het zogenaamde 'Standgerecht' in Middelharnis "wegens begunstiging van de vijand, en in samenwerking met een terroristengroep, ter dood veroordeeld". Het vonnis zal op zondag 10 december voltrokken worden, door middel van de strop. Een inwoonster van Zierikzee ontspringt de dans, zij wordt vrijgesproken omdat zij niet betrokken is.

Ooggetuigen, ook al zijn die er weinig, hebben aangegeven dat de mannen tijdens de dagen dat zij gevangen zitten, beestachtig worden behandeld, geen eten en drinken krijgen, worden geslagen en worden mishandeld. Desondanks laten zij niets los over hun verzetsactiviteiten.

Na hun veroordeling tot de strop worden de 10 verzetsmannen op 9 december van Middelharnis vervoerd naar Haamstede, waar zij terecht komen in een donkere bunker op het terrein van Slot Haamstede, in afwachting van hun executie.

Op zondagmorgen 10 december wordt dominee Voorneveld in zijn kerk in Haamstede van de preekstoel gehaald. Hij krijgt het verzoek om terstond geestelijke bijstand te verlenen aan de 10 ter dood veroordeelden. Hij krijgt in de bunker tijdens een emotioneel afscheid van de verzetsmannen, verschillende briefjes en persoonlijke bezittingen mee voor hun vrouwen en hun familieleden. Samen zingen de mannen het Luther-lied "Een vaste burcht is onze God". Hoe toepasselijk is dat: Al drukt het leed, al dreigt het lot, Hij doet zijn hulp verschijnen! De vijand rukt vast aan met opgestoken vaan; hij draagt zijn rusting nog, van gruwel en bedrog, maar zal als kaf verdwijnen!

Op 10 december 1944 wordt mijn oom Iman met zijn negen kompanen opgehangen in de Slotlaan van Kasteel Moermond in Renesse. Mijn moeder en haar tweelingzus Ina zijn dan 17 jaar.

Hoe wreed zijn de Duitse bezetters: 20 familieleden worden samen met dorpsbewoners gedwongen langs de levensloze lichamen te lopen. Daar was mijn familie niet bij: mijn oma en haar dochters waren geëvacueerd in de Wieringermeer, en de broers van Iman die op Schouwen woonden, waren niet in beeld bij de Duitsers of zaten ondergedoken.

De leegstaande woning en boerderij van mijn Oma werd op 11 december door soldaten van de 'Grenzpolizei' bezocht. Er werd bedrijfsschade aangericht en huisraad meegenomen. Maar dat was niets in vergelijking met de families van de andere terechtgestelden, wiens huizen werden gevorderd, volledige inboedels werden geroofd en vernield.

Ik wil afsluiten met de woorden uit het korte afscheidsbriefje van mijn oom Iman, dat hij op de morgen van 10 december 1944 aan dominee Voorneveld voor zijn moeder, broers en zussen meegaf.

Hij schrijft:

"Lieve moeder, broers en zusters,
van mij de laatste groeten in deze bange uren.
Bid voor mij zonder ophouden
en geve de Here dat alles mag zijn tot zijn eer.
Het valt me zwaar om afscheid te nemen
van alle aardse dingen en familie.
Dag lieve moeder, broers en zusters, tot weerziens!
Moeder bewaart u dit briefje, leest het allen."


Laten wij de "Tien van Renesse" nooit vergeten! Ik noem hun namen:

Menke Koos van der Beek
Willem Maarten Boot
Marcus Pieter Machiel van der Klooster
Joost Pieter Jonker
Leendert Marie Jonker
Cornelis Lazonder
Johannis Oudkerk
Adriaan Padmos
Jan Andreas Verhoeff,
Iman Marinus van der Bijl,
de broer van mijn moeder, mijn oom.